literatuur

Wandelend in Odessa over de Deribasovskaja, de ‘koningin van alle straten’ - in de voetsporen van Vladimir Zjabotinski - 1

--------------

“Zodra ik een voet zette op die majesteitelijke grond, beving mij onmiddellijk een bijzonder besef, alsof zich iets had voorgedaan of dat mij een privilege ten deel was gevallen, en onbewust rechtte ik mijn rug en voelde even met een vinger of mijn das niet los was gaan zitten; ik weet zeker dat ik niet de enige was.”

Die ‘majesteitelijke grond’ is de Deribasovskajastraat in het Odessa van rond 1900, beschreven door Vladimir Zjabotinski in zijn boek Pjatero (vorig jaar verschenen in een Nederlandse vertaling van Otto Boele en Inge van Gemert, onder de titel Afscheid van Odessa). Zjabotinski (1880-1940) keert in het boek terug naar zijn jonge jaren in Odessa, lang nadat hij de stad aan de Zwarte Zee voorgoed heeft verlaten. Zjabotinski werkte er bij de krant Odessa Nieuws en elke ochtend liep hij over de Deribasovskaja naar de redactie, “over de volle lengte van die straat, de koningin van alle straten in de wereld”. 

Al draag ik dan geen das, ik loop de dagelijkse wandeling van Zjabotinski na over de Deribasovskaja, meer dan honderd jaar nadat hij er zijn voetstappen achterliet, meer dan tachtig jaar nadat hij in de emigratie zijn Pjatero schreef. 


Helemaal beneden, aan het begin van de iets oplopende Deribasovskaja, waar ik om de hoek in een appartementje verblijf met uitzicht op de kranen van de haven, valt weinig koninklijks te bespeuren. Het hangt er een beetje verloren bij, dit stukje straat, met open afvalcontainers langs het trottoir, een schutting waarachter iets verbouwd wordt en een enkel terras. Zjabotinski maakt er geen woord aan vuil, pas op het kruispunt met de “eerbiedwaardig-slaperige” Poesjkinstraat begint hij zijn wandeling. De oude tijd, zo schrijft hij, “toen graanhandelaren nog negotianten werden genoemd en zij in hun gesprekken Grieks met Italiaans vermengden”, lijkt hier op zijn laatste benen te lopen. Eens loog Zjabotinski tegen zijn vrienden dat hij een tijdje wegging uit de stad, om zich vervolgens op dit onopvallende kruispunt terug te trekken in een “groot hotel op de hoek”.    

Op welke van de vier hoeken was dat? Dat is raden, er is geen hotel meer te bekennen dat een aanknopingspunt zou kunnen vormen. Het gebouw op nummer 4 van de Poesjkinstraat was het zeker niet. Een gedenksteen op de gevel vermeldt dat hier aan het einde van de 19de eeuw burgemeester Grigori Marazli woonde - een woonhuis dus, en geen hotel. Tegenwoordig is hier een medische opleiding gehuisvest en elke morgen voordat de lessen beginnen, verzamelen zich op de stoep jongedames in witte jassen.


Het volgende kruispunt, met de Richelieustraat, was ten tijde van Zjabotinski’s dagelijkse wandeling het domein van banken en geldwisselaars. Het kan toeval zijn - weinig financiële instelingen hebben de revolutie van 1917 overleefd - maar op drie van de vier hoeken zit tegenwoordig een bank. Indertijd kon je buiten op de stoep, onder de acacia’s, terecht bij wisselaars met zwarte snorren, die je in elke gewenste taal te woord stonden en je netjes bedienden dan wel afzetten, schrijft Zjabotinski. Eens was hij er getuige van hoe twee aangeschoten jongelui plaatsnamen in het midden van het kruispunt en schel op hun vingers floten, zodoende het stopsignaal van agenten imiterend. Alle wagens en rijtuigen, “uit het noorden, zuiden, oosten en westen”, kwamen gehoorzaam tot stilstand en het duurde even voordat de orde op het kruispunt was hersteld.

Zelf ging ik er even op een bankje zitten om te luisteren naar een hevig dispuut tussen twee chauffeurs, van wie er eentje uit zijn auto was gestapt. Ik was niet zo geïnteresseerd in de afloop (de man die was uitgestapt had een honkbalknuppel in zijn hand), maar wilde graag weer wat nieuwe Russische woorden leren. Het vocabulaire van beide heren bleek echter beperkt (of dat van mij al redelijk uitgebreid) en ik besloot Zjabotinski maar weer eens achterna te lopen. Op naar het volgende kruispunt!   


Hier deel 2.

Dmitri Bykov en de trillende sleutel van Boelat Okoedzjava

----------------


Al eerder schreef ik over de rol die Boelat Okoedzjava in de tweede helft van de jaren zeventig speelde voor ons, ontluikende slavisten. Hij zong eenvoudige liedjes, die je verstond. En al begreep je misschien niet alles, en had je het vermoeden dat er meer achter zo’n liedje stak dan je kon vastpakken – hij gaf je zelfvertrouwen. Je kon een Russisch lied meezingen!

Gaandeweg, door de jaren heen, werd me duidelijk dat de statuur van Okoedzjava (1924-1997) veel groter was dan ik aanvankelijk, op grond van zijn wat ijle stem, beperkte gitaarspel en eenvoudige melodietjes, had vermoed. Ja, er stak inderdaad veel meer achter die liedjes van hem.

Dmitri Bykov

Ik kreeg dat nog eens bevestigd door een lezing over hem van schrijver/dichter Dmitri Bykov (hieronder te beluisteren.) Bykov kent de complete Russische literatuur van Poesjkin tot Pelevin uit zijn hoofd en is een groot liefhebber van het werk van Okoedzjava, over wie hij een boek schreef. In zijn lezing beperkt Bykov zich tot gedichten van Okoedzjava (die ook proza schreef). Want dat zijn het, die breekbare liedjes: gedichten.

Bykov noemt in zijn lezing twee procédés waarmee Okoedzjava’s zijn lezer/luisteraar bij de keel grijpt. Een voorbeeld van het eerste procédé vindt hij in Песенка о моей жизни:

А как первая любовь -- она сердце жжет.
А вторая любовь -- она к первой льнет.
А как третья любовь -- ключ дрожит в замке,
ключ дрожит в замке, чемодан в руке.

А как первая война -- да ничья вина.
А вторая война -- чья-нибудь вина.
А как третья война -- лишь моя вина,
а моя вина -- она всем видна.

А как первый обман -- да на заре туман.
А второй обман -- закачался пьян.
А как третий обман -- он ночи черней,
он ночи черней, он войны страшней.

 

Okoedzjava laat abstracte, algemene begrippen (in de eerste twee regels) volgen door bijna terloops genoemde, zeer concrete beelden: de sleutel die trilt, de koffer in de hand (regel drie en vier). Bykov: “Door dat spanningsveld ontstaat het wonder, dat de lezer plots dwingt om het op zijn eigen leven te betrekken.” De eerste liefde die zich in het hart brandt, dat is niet meer dan een algemene poëtische banaliteit, aldus Bykov, maar die trillende sleutel en die koffer in de hand maken dat iedereen kan zeggen: dit gaat over mij. Hetzelfde gebeurt in het tweede couplet, waar in de derde regel plots sprake is van “zelfveroordeling voortkomend uit onverwacht inzicht”.

Okoedzjava’s tweede procédé is het creëren van twee parallelle werelden. Bykov illustreert dit aan de hand van Голубой шарик (ik maak het nu ietsje makkelijker: een vertaling loopt mee in het filmpje).

Девочка плачет, шарик улетел,
Её утешают, а шарик летит.

Девушка плачет, жениха всё нет,
Её утешают, а шарик летит.

Женщина плачет, муж ушел к другой,
Её утешают, а шарик летит.

Плачет старуха, мало пожила,
А шарик вернулся, а он голубой.


Een meisje dat huilt omdat haar ballon is weggevlogen – veel eenduidiger en tastbaarder kan je het niet krijgen. Maar tegelijkertijd wordt een parallel beeld gecreëerd dat veel algemener is, waardoor elke lezer/luisteraar weer de ruimte krijgt om het gedicht op zichzelf te betrekken. Door de paar regels heen wordt de ballon het symbool van vervlogen dromen en van een onaangedane wereld die zich niets aantrekt van onze kleine drama’s en die er ook nog zal zijn wanneer wij allang zijn verdwenen.

Bykov vertelt nog veel meer, maar het bovenstaande was voor mij al ruim voldoende om even stil te staan bij de tijd die verstreek sinds ik Okoedzjava’s liedjes voor het eerst beluisterde – om even terug te denken aan de zinnen die zich samenvoegden uit zijn afzonderlijke Russische woordjes, aan de wereld die achter die woorden opdoemde, aan de ballonnen die wegvlogen. 

---------------------

Hier de lezing van Bykov over Okoedzjava (met dank aan jana Smirnova, die me op Bykovs lezing wees): 

Zijn literaire jury’s in Rusland nog serieus te nemen? Winterweg van Leonid Joezefovitsj: weer een boek dat ik niet uitlas.

---------------------

Leonid Joezevofitsj heeft met zijn boek Zimnaja doroga (Winterweg) de literaire prijs Nationale besteller van 2016 gewonnen en ik begrijp niet waarom. Na 143 pagina’s heb ik het boek weggelegd, teleurgesteld over zo’n gemiste kans. Want wat een materiaal had Joezevofitsj op zijn schrijftafel liggen! 

Op 30 augustus 1922 vertrekken 750 vrijwilligers onder leiding van generaal Anatoli Pepeljajev uit Vladivostok naar Jakoetië. Daar, in een laatste stuiptrekking van de Burgeroorlog, is een opstand gaande tegen de nieuwe machthebbers. Pepeljajev komt de opstandelingen te hulp in de hoop het oude Rusland vanuit Siberië te kunnen redden. Op de sneeuwvelden van Jakoetië loopt de expeditie uit op een mislukking. Rode troepen onder leiding van de anarchist Ivan Strod maken een einde aan de droom van Pepeljajev, die wordt gearresteerd en uiteindelijk in 1938 wordt geëxecuteerd - een jaar nadat Strod hetzelfde lot had getroffen.   

Leonid Joezevofitsj Winterweg literaire prijs Rusland literatuur

Jaren van archiefwerk gingen aan het schrijven van Winterweg vooraf. Met grote moeite kreeg Joezefovitsj het strafdossier van Pepeljajev boven water. Daarin trof hij dagboekfragmenten, gedichten en brieven aan. Ook correspondeerde hij met een zoon van de Witte generaal. “Een wijze lezer begrijpt meteen dat ik niets verzin”, zegt hij in een interview. Dat kan je Joezefovitsj moeilijk verwijten, maar af en toe zou je willen dat hij dat wel had gedaan. Zijn vertelwijze doet denken aan een gids in een museum, die de bezoeker keurig langs de diverse objecten leidt, maar deze niet meeneemt op een reis.

Joezefovitsj probeert de diepere zieleroerselen van de generaal te begrijpen, aan de hand van diens persoonlijke papieren. Of hij daarin slaagt weet ik niet (ik heb het boek niet uitgelezen), maar ook daarbij handhaaft hij – op de pagina’s die ik gelezen heb – de toon van een afstandelijk waarnemer. In dat opzicht is het contrast met bijvoorbeeld Goezel Jachina in haar boek Zoelejcha opent haar ogen (ook een ‘Siberisch verhaal’ met een historische achtergrond, en ook een literaire-prijswinnaar) opmerkelijk.

Juist door de afstandelijke toon oogst het boek lof. Joezefovitsj (hij is ook scenarioschrijver) had genoeg materiaal voor een langlopende soap op prime time, aldus een recensent, maar daar is hij verre van gebleven. “Joezefovitsj treedt in de eerste plaats op als een aandachtige en gewetensvolle historicus.” Prima, maar geef hem dan geen literatuurprijs.

Winterweg kunt u hier en hier in afleveringen lezen. Dat zijn ze niet allemaal, voor de rest moet u zelf maar even googelen.

En hier nog de overige vier boeken op de korte lijst van de Nationale bestseller die Joezefovitsj achter zich liet. (Ik heb ze geen van alle gelezen - en dat ga ik niet doen ook. Misschien was Winterweg inderdaad wel het beste van de lijst):

Эльдар Саттаров: Транзит Сайгон-Алматы
Аглая Топорова: Украина трех революций
Мария Галина: Автохтоны
Михаил Однобибл

Overigens heb ik recent ook Malinovy Pelikan van Valdimir Vojnovitsj niet uit weten te lezen. Een boek van Vojnovitsj! Niet uitgelezen! Dat was een jaar of wat geleden nog volstrekt ondenkbaar.

Nou, misschien ligt het wel aan mij.

Bekende dokter geeft Russische sporters dopingadvies: niet plassen!

---------------------

"И красавица Маша Шарапова! / En schoonheid Masja Sjarapova." 

 красавица Маша Шарапова! / En schoonheid Masja Sjarapova." 

 

Het was u misschien nog niet opgevallen, maar meldonium is een prachtig rijmwoord. Zeker in het Russisch, waar de mogelijkheden voor de dichter dankzij de naamvallen altijd net ietsje ruimer zijn: мельдoний, мельдония, enzovoort.

Wie het wel al was opgevallen is Andrej Orlov – maar die is dan ook dichter van beroep. Het middel meldonium, dat als een dopingspook boven de Russische sportwereld hangt, werkte ook op hem stimulerend: hij schreef er een mooi gedicht over, met daarin een hoofdrol voor dokter Audoetzeer (доктор Айболит), de dokter uit de kinderversjes waar vele generaties Russen mee zijn opgegroeid.

Dokter Audoetzeer

Waar de originele dokter Audoetzeer (een schepping van schrijver Kornej Tsjoekovski) de dieren geneest van allerlei kwaaltjes, staat hij in de versie van Orlov Russische sporters bij in hun jacht op medailles. Вам на доброй и тёплой ладони я / Поднесу по пять порций мельдония … (Ik durf dat bijna niet te vertalen, vanwege dat mooie rijm dat – bij mij althans - verloren gaat. Ik heb het toch gedaan – zie hieronder.) En hoe verdedig je als sporter Ruslands eer? Vooral door niet te plassen, zegt dokter Audoetzeer.

Het gedicht wordt voorgedragen door acteur Michail Jefremov, die een grote reputatie heeft opgebouwd als vertolker van gedichten, geschreven in de stijl van bekende Russische dichters, waarin eigentijdse toestanden op de hak worden genomen.

(Kinderpoëzie van Tsjoekovski is in ruime mate terug te vinden in het recent verschenen, alom geprezen Bij mij op de maaneen bloemlezing uit de Russische kinderpoëzie vanaf de zeventiende eeuw, vertaald en toegelicht door Robbert-Jan Henkes.)        


Добрый доктор Айболит / De goede dokter Audoetzeer
За спортсменами следит / Zorgt voor de sporters

Приходи к нему мочиться  / Ga bij hem plassen
Фигуристка-танцовщица, / Kunstrijdster,
Хоккеист и слаломист / IJshockeyer en slalomskieër
И бегун, и бобслеист, / En hardloper, en bobsleeër
Футболисты, хотя и растяпы вы, / Voetballers, al zijn jullie sufferds
И красавица Маша Шарапова! / En schoonheid Masja Sjarapova!


Приползайте с усталыми мордами / Kom aangekropen met vermoeide koppen
 
И бегите потом за рекордами! / En daarna jagen jullie op records!

Вам на доброй и тёплой ладони я / Op een goede en warme handpalm
Поднесу по пять порций мельдония / Reik ik jullie elk vijf porties meldonium aan

Но сначала пописайте, деточки, / Maar eerst even plassen, kindertjes
А потом уже пейте таблеточки, / En pas daarna de tabletjes innemen
Чтобы вы были сильными, быстрыми, / Zodat jullie sterk en snel worden
А анализы были бы чистыми! / En jullie plasjes schoon zijn!

И пришла к Айболиту атлетка: / Een atlete kwam bij Audoetzeer:
«
Добрый доктор, мне надо таблетку / Goede dokter, ik heb een tabletje nodig
Чтобы я бы была в эстафете / Zodat ik op de estafette
Всех быстрее на нашей планете! / De snelste van de wereld ben!
Посмотрите на ножку мою! / Kijk eens naar mijn beentje!
Даже если стоюустаю!» / Als ik alleen maar sta word ik al moe!

И сказал Айболит: «Не беда!  / En dokter Audoetzeer zei: geen probleem!
Подавай свою ножку сюда! / Kom maar hier met je beentje.
Мы лечить её, бедную, будем / Dat gaan we genezen, dat arme been
Мы медальку тебе раздобудем!» / We gaan voor jou een medaille in de wacht slepen! 

Тут бегунья таблеточку пьёт / En de renster neemt een tabletje
И на ножки бегунья встаёт! / En de renster gaat op haar beentjes staan!
Побежала-побежала / En ze rent en ze rent!
Всех на свете побеждала! / En wint van de hele wereld
И смеётся она и кричит / En ze lacht en roept
«
Ну, спасибо тебе, Айболит! / Bedankt hoor, dokter Audoetzeer!
И тебе, и тебе, и мельдонию! / En bedankt ook, meldonium!
Лучше всех была на стадионе я!» / De beste van het hele stadion was ik!

И пришёл к Айболиту Поветкин: /  En ook Povetkin kwam bij Audoetzeer:
«
Доктор, дайте мне тоже таблетки! / Dokter, geef mij ook een tabletje!
 когда людей по морде / Wanneer ik mensen voor hun harses sla
И по туловищу бью / En op hun lijf
Я при этом очень сильно, / Word ik heel erg, heel erg
Очень сильно устаю / heel erg moe
Устаю, устаю, прямо падаю, / Moe, moe, ik val gewoon om
А на бой-то я иду за наградою!» /Terwijl ik wel vecht voor een onderscheiding!

Айболит отвечает: «Не плачь! / Audoetzeer antwoordt: Niet huilen!
Ты мельдоний прекрасный хреначь!
Werk dat prachtige meldonium naar binnen!
И тогда, Сашок, легко /
En dan, Sasjok,
Победишь двоих Кличко /
win je makkelijk van de twee Klitsjkos
И ужасному Уайлдеру тоже / En de verschrikkelijke Wilder
Надаёшь по зазнавшейся роже! / Sla je ook voor zn verwaande kop!
Но
при этом, Саша, даже по пьяночке / Maar, Sasja, dan moet je, zelfs al ben je dronken
Ты не писай в незнакомые баночки!» / niet in vreemde potjes plassen!”

И пришёл к Айболиту Мутко: En Moetko kwam bij Audoetzeer:
«
Добрый доктор, мне так не легко! / Goede dokter, ik heb het zo zwaar!
Мне недавно где нужно сказали, /  De baas heeft me pas geleden gezegd
Чтоб из Рио привёз я медалей. / Dat ik in Rio medailles moet halen
Что же делать? / Wat moet ik doen?
Это просто агония! /  We kunnen geen kant meer op!
Ну куда же мы теперь / Wat kunnen we verder nog
Без мельдония! / Zonder meldonium!

Обложили меня злобные гады / Ik word belaagd door gemene rotzakken
Из агентства по допингу, «ВАДы», / van dopingagentschap WADA
Говорят, что мы с тобой, / Ze zeggen dat wij samen,
Доктор, в Сочи / Dokter, In Sotsji
Совершали нехорошее очень, / Hele foute dingen hebben gedaan

А ещё они, мерзавцы узнали, / En de lelijkerds hebben ook ontdekt
Как мочу мы на медали меняли, / Hoe we urine voor medailles hebben verwisseld,
И теперь постигнет сборную нации / En nu wordt de ploeg van onze natie
Процедура дисквалификации. / getroffen door een procedure van dikswalificatie
Победит нас теперь / We worden nu zelfs verslagen
Даже Македония! / Door Macedonië!
Ну, куда же мы, куда без мельдония?!! / Wat moeten we, wat moeten we, zonder meldonium?!!
Нам ни пукнуть теперь, ни вздохнуть! /  Geen wind kunnen we laten, geen zucht slaken
Дай мельдония, что ли, глотнуть!» / Meldonium moeten we hebben!”  

Айболит говорит: «Не беда! / Audoetzeer zegt: Geen ramp!
Мы с тобою поедем туда! / We gaan er samen heen!
Будем, если уж всё так получилося, / En als het dan zover komt
Делать вид, что ничего не случилося, / Doen we alsof er niets aan de hand is

Мы заявим: провокация / Dan verklaren we: het is een provocatie
Эта дисквалификация! / Die dikswalificatie!
Мы заявим: Тра-та-та, тра-та-та, / We verklaren: bla-bla-bla, bla-bla-bla
Наши первые места, тра-та-та / Onze eerste plaatsen, bla-bla-bla
Вы нечестно отобрали / Hebben jullie ons onterecht afgenomen
И не дали нам медал` и / U hebt ons onze medailles niet gegeven
Обсчитали, засудили и обидели, / Jullie hebben ons bedrogen, benadeeld en beledigd
Как татары с Джамалой на «Интервидении»/ Net als de Tataren met Jamala op het Songfestival

А когда мы победим-победим, / En als we winnen, winnen
То мочу им не сдадим-не сдадим! / Geven we onze plas mooi niet af
От позора нас спасут / Wij worden gered van de schande /
Фразы «Русские не ссут!» / door de frasen: “Russen pissen niet!”
И «Совсем чего-то писать не хочется» / En “Ik hoef eigenlijk niet zo nodig te plassen”
И «Пускай враги от ужаса мочатся!» / En “Laat de vijanden van schrik maar een plas doen!”
Мы не станем никого никуда лизать, / Wij likken niemand de hielen, of wat dan ook /
Так лицо мы сохраним, и анализы! / Zo blijft onze eer onaangetast, net als onze plasjes!

Wat deed de schrijfster van Mary Poppins in 1932 in Moskou?

-----------

Is er een verband tussen Mary Poppins en de USSR van voor de Tweede Wereldoorlog? Dat is er. Zelf bezocht het wereldberoemde kindermeisje het arbeidersparadijs nimmer, maar haar schepster, Pamela Lyndon Travers, deed dat wel. Zij maakte in 1932 een groepsreis naar Leningrad en Moskou. Nizjny Novgorod stond ook op het programma, maar die stad aan de Wolga werd op het laatste moment geschrapt, “omdat alle schepen kapot waren”. Travers schreef een reisverslag dat in 1933 in afleveringen verscheen in The New English Weekly en in 1934 als apart boekje: Moscow excursion.

Pamela Lyndon Travers

Pas kort na dat gebundelde reisverslag verscheen de eerste aflevering van haar Poppins-verhalen en Travers was op het moment van haar reis naar Rusland geen bekende schrijfster. Zij kreeg dan ook geen speciale behandeling à la George Bernhard Shaw (die op hallucinante wijze werd ingepakt door zijn gastheren en tijdens de hongersnood in Oekraïene alles wat hij daar aan propaganda kreeg voorgeschoteld slikte voor zoete koek), maar stapte bij een Intourist-kantoor in Londen naar binnen en boekte een reis – wat in die tijd betekende: een groepsreis.

Een toerist keert niet terug uit Rusland met een tijgervel als souvenir, schrijft Travers in haar inleiding, “but he can dazzle those who listen to his traveller’s tale with propaganda and statistics which suggest that since the days of the Old Testament the land of Canaan has moved its domicile considerably to the North-West.” 

Travers is geen ‘gelovige’ die in de USSR de heilstaat ziet (de meeste van haar groepsgenoten zijn dat wel). Ze is niet vóór of tegen, ze wil gewoon weten in wat zich in Rusland voltrekt. De confrontaties die dat oplevert, met gidsen, groepsleden en gewone Russen, zijn hilarisch, maar maken Travers in al hun absurdisme herhaaldelijk ook boos. Ze voelt zich machteloos tegenover alle staalharde ideologische verhalen en beseft dat haar blik beperkt is. Hóe beperkt, zal ze niet geweten hebben. De ontwrichting in de Sovjetunie was begin jaren dertig door de gedwongen collectivisatie enorm, op het platteland werd honger geleden. Dat moet ook de ware reden zijn geweest voor het schrappen van Nizjni Novgorod. De kans op ‘ontnuchterende’ taferelen zal te groot zijn geweest.        

Travers is een schrijfster, en dat maakt haar boek  tot een feestje - zeker voor wie (zoals ondergetekende) de Sovjetunie tientallen keren groepsgewijs bezocht. Al die rondleidingen! Die gidsen! Die eindeloze verhalen volgens een vast stramien, waar je uiteindelijk je schouders maar bij ophaalde, omdat je elke discussie toch verloor. Travers, al enigszins murw: “After recounting the circumstances of the deaths of Tsar Nicholas the late and his family, she [de gids] remarked sternly: ‘And if anyone will tell you they was still leeving we will tell you that they was burned.’”

Ter compensatie van het geschrapte Nizjny Novgorod mag het gezelschap vlak bij Moskou een kolchoz bezoeken. Het lange verhaal van de directeur wordt door de gids van de dag, die niet zo goed in haar Engels zit, als volgt samengevat: “Zis place, she make thirty-three cabbages the year. Lettuce two sousand. Seven carrots. Nitrates, no it is not. Soil, she is good. Yes. Many workers. Yes. Zey do not eat cabbages. Cabbage for the State.”

Travers droomt af en toe weg – zoals je mag verwachten van de schrijfster van Mary Poppins. Bij een bezoek aan het oude Smolny Instituut ("It is made by Catherine ze Grit") hoort ze tot haar intens genoegen dat de inmiddels nogal sobere vertrekken ooit een school voor adellijke dames huivestten. “I am glad to think that the walls remember something a little irrational – laughter and the swish of satins and the nut-dropping sound of high heels, like the hooves of goats, running along the corridors.”

Helaas, ik mag Travers’ reisverslag niet houden – het moet terug naar de Amsterdamse Universiteitsbibliotheek. Daar is het natuurlijk niet op zijn plaats. Het hoort hier bij mij te staan, in de boekenkast, naast de Russische reisverslagen van Astolphe de Custine, Truman Capote en John Steinbeck. Maar ja, wat doe je d’r aan.

Mijn weerzien - twintig jaar later - met Svetlana Alexijevitsj

---------------

(Foto: E. Jacq)

Met Svetlana Alexijevitsj maakte ik ooit kennis onder een treurwilg in het Wilhelminapark in Utrecht. Gisteren, ruim twintig jaar later - zij had inmiddels de Nobelprijs voor Literatuur gekregen - stond ik voor haar in Amsterdam en kreeg ik van haar een meer dan vriendelijke glimlach.

Ze had verhalen geschreven over zelfmoord – vooral over pogingen daartoe. Die las ik, op een warme zomerdag, daar onder die treurwilg, en ik was onder de indruk. Hoe ze mensen aan het praten had gekregen, die geen uitweg meer zagen in het doolhof waarin hun leven was veranderd na het uiteenvallen van de Sovjetunie. Onder wier voeten het tapijt was weggerukt en die niets anders meer zagen dan één groot zwart gat. Hoe ze die verhalen had opgeschreven, met een ruime blik op de achtergronden en vooral ook met compassie, die linea recta bij mij als lezer naar binnen werd gegoten.

Ik bezat toen nog de overmoed van de jeugd en besloot: die verhalen moeten vertaald worden en ík ga dat doen. 

Ik belde Jan Mets, van uitgeverij Mets & Schilt, waar eerder van mij (en Anne Scheepmaker)  een Russisch kookboek was verschenen. Een boek over zelfmoordpogingen? Jan moest vrolijk lachen en vertelde me dat zelfmoordpogingen niet verkochten. Hij had gelijk, maar dat begreep ik later pas.

Ik klopte aan bij uitgeverij Pegasus – ooit een communistisch bolwerk waar na de inval van de Russische troepen in Hongarije de ramen werden ingegooid. En kijk – ironisch wil ik het niet noemen, maar opvallend was het wel – zij waren het met me eens: dít gaan we uitgeven.

Minsk, 1995

Het werd geen succes. Zelfs niet nadat Brandpunt een complete tv-reportage aan het boek had gewijd. Met verslaggever Piet-Hein van der Hoek was ik afgereisd naar Minsk voor een interview met Alexijevitsj en gesprekken met mensen (vooral vrouwen, zo bleek) die een mislukte zelfmoordpoging hadden gedaan. Dat laatste was een idee van Piet-Hein. Die sprak geen Russisch, dus die had makkelijk praten. Die gesprekken, dat vond hij een mooie klus voor mij.

En zo zat ik daar, in een ziekenhuis in Minsk, aan de rand van het bed van een vermoeid ogende vrouw die af en toe in een plastic bakje spuugde. Achter mij draaide de camera, de hengel van de geluidsman hing boven het bed. Van mijn jeugdige overmoed was niet veel meer over.

Afijn, die reportage kwam er. Het boek werd door presentator Fons de Poel duidelijk aan de kijker getoond, de omslag kwam in beeld, maar het verkocht voor geen meter. Jan Mets had gelijk gekregen.

Maar ik kreeg het ook! Al duurde dat nog even. Svetlana Alexijevitsj bleef in Nederland vooralsnog een grote onbekende. Buiten onze grenzen groeide haar faam echter met elk nieuw boek. Totdat haar uiteindelijk de Nobelprijs voor Literatuur werd toegekend. Ik had het zo slecht nog niet gezien, daar onder die treurwilg in het Wilhelminapark in Utrecht!

Gisteren, in Amsterdam, na een uitgebreid interview door Michel Krielaars, signeerde ze haar boeken. Ik stond vooraan in de lange rij met een exemplaar van De oorlog heeft geen vrouwengezicht. Ze zag me en een mooie glimlach was mijn deel. “Natuurlijk ben ik u niet vergeten!”, zei ze, en in mijn boek schreef ze: Voor mijn eerste Hollandse vertaler – van de auteur. 23-03-16.  

(Foto: E. Jacq)


(Mijn vertaling van Зачарованные смертью verscheen bij uitgeverij Pegasus onder de titel In de ban van de dood. Een aantal van de verhalen werd later opgenomen in het boek Het einde van de rode mens. Leven op de puinhopen van de Sovjetunie.) 

Op de tribune bij Dinamo Moskou – het Feyenoord van Rusland. Schrijver Dmitri Danilov vatte zijn kwellingen samen in een boek.

---------------

Selectiedag bij Dinamo Moskou. De ouders mogen niet naar binnen.


De supporters die u op de foto hieronder ziet, worden in het Russisch koezmitsji genoemd. Toen ik die foto maakte, in de zomer van 2013 in Jaroslavl, wist ik dat nog niet. Nu wel, dankzij het boek Есть вещи поважнее футбола (Er zijn belangrijkere zaken dan voetbal) van Dmitri Danilov.

Sjinnik Jaroslavl

Sjinnik Jaroslavl

Het kost Danilov bijna zijn huwelijk, maar het levert hem wel een boek op: een jaar lang bezoekt hij – niet eens zo’n enorme voetballiefhebber – zo veel mogelijk wedstrijden van Dinamo Moskou, afgewisseld met wedstrijden op regionaal niveau, en doet daarvan verslag. Een vergelijkbaar procédé leidde eerder tot het boek Описание одного города (Beschrijving van een stad), waarin Danilov een aantal keren een en dezelfde provinciestad bezoekt en simpelweg optekent wat hij zoal tegenkomt. (Over zijn Beschrijving van een stad schreef ik eerder, het is in het Nederlands vertaald.)

Als FC Zenit-supporter moet ik bekennen dat Danilovs Dinamo-notities op mij een verrassend prettige indruk maken. Dat heeft vermoedelijk te maken met de overeenkomst tussen Dinamo Moskou en – Danilov komt zelf met die club op de proppen – Feyenoord. Ook zo’n club waar men aan het begin van ieder seizoen droomt van het onvermijdelijke succes, om er vrij snel achter te komen dat het ook dit keer weer niet zal lukken. Wat dan volgt zijn lange maanden van supportersleed, lijdzaam gedragen in de wetenschap dat dit in de aard der dingen besloten ligt.

Danilov begint zijn boek nog als koezmitsj, een min of meer bedaarde supporter die zo zijn thuiswedstrijdjes meepikt. De klassieke koezmitjs, aldus Danilov, heeft een sovjet-proletarisch voorkomen, met pet en papiros, en lijdt niet zelden aan een zware vorm van zonnebloempitverslaving. In de jaren tachtig zag je ze nog volop. Bij het oude Dinamo-stadion stonden ze bij de Noordtribune en bespraken daar het voetbal in het algemeen en de tegenslagen van Dinamo in het bijzonder.

Bij Sjinnik Jaroslavl, mijn buren in 2013

Omdat het oude stadion is afgebroken en het nieuwe nog niet voltooid, speelt Dinamo zijn thuiswedstrijden in een buitenwijk van Moskou, in de Chimki Arena. Danilov koopt er een seizoenkaart voor tribune VIP-3 A. Erg veel ‘vip’ is het niet; maar er is een buffet, een wc vlakbij en het uitzicht op Moskou is mooi. (Lang niet zo mooi als het uitzicht op Sint-Petersburg bij Zenit.) Hij laat zijn status van koezmitsj achter zich en promoveert tot ‘actieve supporter’, door af en toe ook naar een uitwedstrijd te gaan, naar een bekerwedstrijd tegen het bescheiden Sjinnik Jaroslavl bijvoorbeeld. Misschien kwam hij daar wel die twee voetballiefhebbers tegen die er in 2013 een onuitwisbare indruk op me maakten door met te onthalen op wodka en tomaat. Bij uitwedstrijden in de gewone competitie belandt hij in het uitvak met de fanatiekere supporters. Uit bij FC Zenit bijvoorbeeld (kansloze nederlaag), waar hij zichzelf luidkeels hoort meedoen met de rest: только Яшин, только Динамо! (enkel Jasjin, enkel Dinamo!)

Danilovs observaties en overpeinzingen zijn simpel, maar toch ga je gaandeweg meeleven met de clubs die hij bezoekt. Niet zozeer met Dinamo (er zijn grenzen), maar wel met Olimp-SKOP (Derde divisie, provincie Moskou, groep A), en Blauwe Pijlen (competitie regio Ljoeberetski). Wanneer in de Derde divisie de ontknoping nadert, krijg je de neiging om snel door te bladeren naar de laatste wedstrijddag.   

Toch ontbreekt er iets aan het boek: sappigheid. Ik had graag wat meer supportersdialogen gelezen. Kreten, vloeken, yells, alles – naast het prachtige voetbal natuurlijk - wat mijn bezoeken aan het Petrovski stadion van FC Zenit telkens tot zo’n feest maakt. De oogst aan nieuw voetbalvocabulaire is bij Danilov bepaald mager. Засушить игру (het spel doodmaken bij een voorsprong) en een валидольная победа (een validol-overwinning, een overwinning waar je hart het bijna bij begeeft) - meer ben ik niet tegengekomen.

Dinamo begint sterk aan het seizoen, maar ach en wee, nee, het wordt uiteindelijk natuurlijk weer helemaal niks. Nou ja, met pijn en moeite wordt de vierde plaats binnengehaald, die recht geeft op Europees voetbal. Maar dan komt het nieuws dat Dinamo Moskoiu het volgend seizoen helemaal geen Europees voetbal mág spelen. Een straf van de UEFA wegens het overtreden van de regels van financieel fair-play.

Dinamo Moskou voetbal schrijver voetbal Danilov

Danilov troost zichzelf tijdens een bezoekje aan Gent. Hij verblijft toevallig net in de stad wanneer AA Gent daar in mei 2015 voor het eerst in de geschiedenis kampioen van België wordt. Met zijn blauw-witte Dinamo-sjaaltje mengt hij zich in het blauw-witte feestgedruis. Is hij toch nog een beetje kampioen.

In Rusland heette de kampioen van 2015 FC Zenit.

------------------

Toevoeging: Annelies de Hertogh maakte onderstaande foto van Dmitri Danilov inn boekhandel Limerick, tijdens de memorabele avond in Gent.

boekhandel Limerick Gent Danilov Russisch voetbal